woensdag 12 juni 2013

Assepoetster

Ooit eens werkte in een kroeg
Assepoetster die nooit kloeg.
Poetsen, schrobben, as opvegen.
Zo had ze haar naam gekregen.

Naast afwassen opdienen,
't arme kind had al geen tijd,
nog 2 stiefzussen bedienen,
niemand die haar job benijdt.

Op een dag in het café
kwam de prins op de teevee:
"Slechts de snelste van het land,
wil ik aan mijn rechterhand.
Als ze de loopwedstrijd wint,
wordt ze moeder van mijn kind."

De 2 zussen pakten in
voor een nieuw en fris begin.
Assepoetster mocht niet mee.
Zij moet letten op 't café.
Tranen vloeien, veel verdriet.
Niemand die naar haar omziet.

Maar 's avonds laat daar in 't café
verschijnt er plots een goede fee.
Die tovert haar een trainingspak
en echte schoenen in een zak:
"Doe ze aan als je moet lopen,
voor 12 uur, zo mag ik hopen."

Assepoetster liep echt snel
met haar schoenen, weet je wel.
Maar toen sloeg de klok 12 keer
en daar was het noodlot weer.

Veters gleden zomaar open.
Schoenen wilden niet meer lopen.
Blootvoets liep het meisje voort,
kwam als eerste aan de koord.

Dan verdween ze vliegensvlug,
snel naar het cafeetje terug.
Prins, die snapt er niets meer van:
"Wil ze mij niet huwen dan?"

Dagen later in 't café
had prins de sportschoenen mee.
Grote treurnis bij de zussen.
Zij mochten de prins niet kussen.

Want de prins begreep al gauw:
"Assepoetster wordt mijn vrouw.
Niet alleen passen de schoenen.
'k Heb ook zin om haar te zoenen."

Assepoetster werd prinses,
kreeg al snel een kind of zes.
Had z'er zeven, moet je weten,
zou ze toch Sneeuwwitje heten.

(Uit: Een potje tijd, Raf Missorten, Uitgeverij Bakermat, 2003)



Geen opmerkingen:

Een reactie posten